Junior Scientific Masterclass

English

 

prof.dr. T.H. The, Schiermonnikoog 2004

prof.dr. T.H. The, Schiermonnikoog 2004

 

Het JSM programma begon voorzichtig met enkele cursussen, maar is inmiddels uitgegroeid tot een professionele – voor medische studenten aangepaste – opleiding naast de studie geneeskunde. De JSM biedt allerlei cursussen aan die van start gaan in de tweede helft van het eerste jaar, uitbreiden in het tweede en derde jaar, en – na het behalen van de bachelorgraad zelfs de mogelijkheid bieden om te solliciteren naar een eventuele plaats om een promotieonderzoek te doen tijdens de Masterfase (het zogenaamde MD/PhD-traject).

back to toptop

 

Wat voor typen artsen zijn er?
De gezondheidszorg omvat vele facetten, wat goed terug te vinden is in de verschillende uitstroomprofielen van de studie geneeskunde. In de patiëntenzorg zijn ook vele verschillende typen artsen nodig: artsen die affiniteit hebben met bijvoorbeeld preventieve geneeskunde (denk aan de consultatiebureaus, de bedrijfsgeneeskunde), artsen die zich vooral willen richten op de directe patiëntenzorg, zoals huisartsen en medisch specialisten, ten derde zijn er artsdocenten nodig die het vak weer door willen geven aan studenten, verpleegkundigen, paramedisch personeel en dergelijke (docenten/opleiders), en tenslotte artsonderzoekers die patiëntenzorg willen combineren met klinisch-wetenschappelijk onderzoek. Deze laatste categorie is grotendeels te vinden in de academische ziekenhuizen en sterk gespecialiseerde ziekenhuizen zoals het Nederlands Kankerinstituut in Amsterdam.

back to toptop

 

Waarom is wetenschappelijk onderzoek nodig?
Er liggen in de geneeskunde nog zoveel vragen en onderwerpen waar onderzoek naar gedaan moet worden. Op allerlei terreinen zijn onderzoeksmogelijkheden, naar de oorzaak van ziekten, verbeteringen in de diagnostiek, naar verbeteringen in de behandeling, mogelijkheden richting preventie, etcetera. Denk aan de vele neurologische ziekten met ernstige invaliditeit, de vele patiënten met kanker die ondanks goede chirurgie, chemotherapie of bestraling toch nog overlijden, de vele problemen in de psychiatrie, de verslavingsziekten, de bijwerkingen van geneesmiddelen, malaria, tuberculose, AIDS, genoeg om op te noemen.

 

Op vrijwel elk vakgebied liggen onderzoeksvragen, of het nu gaat om het verbeteren van een methode om te opereren, het vinden van een veilig slaapmiddel, of het ontdekken van een vaccin tegen malaria of een wonderpil tegen overgewicht, overal zijn artsen en medisch specialisten nodig die hier verstand van hebben, en die – samen met bijvoorbeeld biologen of biochemici vanuit het laboratorium of epidemiologen en statistici vanuit de klinische epidemiologie – onderzoeksbevindingen kunnen vertalen richting kliniek.

back to toptop

 

Wat is er nodig om arts én onderzoeker te worden?
Anders dan de meeste denken, gaat het hier niet om mini-Einsteins of andere briljante potentiële Nobelprijswinnaars. Een artsonderzoeker is per definitie niet slimmer of beter dan een ander type arts. Zij of hij heeft alleen gekozen voor een ander type baan, waarbij gestreefd wordt naar de combinatie van werken als arts en ook onderzoek doen.

 

Wat nodig is, zijn studenten (toekomstige artsen) die onderzoek leuk vinden, gefascineerd zijn door onderzoeksvragen en daar later als arts misschien wel mee door willen gaan. De meeste studenten hebben nu nog geen idee wat ze later voor type arts zullen worden. Meestal wordt dat in de loop van de studiejaren pas wat duidelijker, en vooral bij het lopen van de co-assistentschappen worden vaak pas echt keuzes gemaakt.

 

Diegenen die uiteindelijk arts/specialist/onderzoeker worden en meestal dan ook in een academisch ziekenhuis terecht zullen komen, hebben over het algemeen een langere vooropleiding achter de rug, dan diegenen die rechtstreeks uitstromen richting patiëntenzorg in de niet-academische ziekenhuizen. De meeste academische specialisten hebben een aantal jaren na hun artsexamen een promotieonderzoek gedaan en zijn gepromoveerd, hebben vaak een tijdje in het buitenland gewerkt om extra onderzoekservaring op te doen, en hebben her en der getracht technieken te leren om een betere onderzoeker te worden. Dat kan gaan om meer kennis van medische statistiek, biochemie, celkweektechnieken, klinische epidemiologie, spreek- en schrijfvaardigheid in de Engelse taal, en wat niet al! Velen van hen geven aan dat het handig geweest was als zij een deel van deze kennis, en een deel van de onderzoekservaring, al vast tijdens hun studie hadden kunnen opdoen.

back to toptop

 

Wat biedt de JSM?
De JSM wil een kweekvijver zijn voor toekomstige artsonderzoekers, en deze zo goed mogelijk op weg helpen. Er is dan ook een uitgebreid JSM programma voor alle studenten die geïnteresseerd zijn in wetenschappelijk onderzoek, en zeker ook voor diegenen die dit nog niet weten, maar er wel eens aan zouden willen 'proeven'. Vanaf het studiejaar 2006-2007 is het mogelijk worden om - door het volgen van een heel traject aan cursussen en activiteiten - een zgn. 'Honours' te behalen voor wetenschap gekoppeld aan het bachelorsdiploma. Eén en ander is samengevat in deze website (zie Overzicht onderwijsprogramma).

 

In het eerste studiejaar zijn er speciale 'JSM mentorgroepen', die als onderwerp wetenschappelijk onderzoek hebben. Daarnaast worden een zestal Triple-B lectures georganiseerd en kunnen studenten deelnemen aan korte onderzoeksprojecten, zgn. TTT-projecten.

 

Studiejaar twee start met zgn. Science Electives. Studenten kunnen tijdens deze cursussen actief ('hands-on') deelnemen aan lopend (klinisch-relevant) onderzoek binnen het uitstroomprofiel van interesse. Daarnaast worden er in dit studiejaar cursussen georganiseerd van 1-2 weken gericht op het verkrijgen van vaardigheden rond laboratoriumonderzoek of klinisch epidemiologisch onderzoek (resp. cursus Wetenschapsmethodologie I, 'Labcursus' en Wetenschapsmethodologie II, 'Patient-related Research'). Door het studiejaar heen worden een zestal Triple-B lectures aangeboden en kunnen studenten deelnemen aan speciale JSM Mentorgroepen.

 

Foto Cursusweek, Schiermonnikoog

Cursusweek, Schiermonnikoog

 

Aan het eind studiejaar twee is er voor een kleine groep studenten (circa 20 met 5-6 docenten) een zomercursus wetenschappelijke vorming op Schiermonnikoog ('Cursusweek'), waar studenten gedurende een verblijf van een week leren omgaan met wetenschappelijke artikelen, posters en abstracts moeten maken, in groepjes een projectaanvraag moeten schrijven en verdedigen, leren oefenen met statistiek, maar waar ook veel mogelijkheden zijn om met elkaar te praten over de studie en de toekomst. Voor deze cursus is overigens, gezien de beperkte capaciteit, een 'sollicitatieprocedure' ingesteld.

 

Ook in studiejaar drie worden speciale JSM Mentorgroepen georganiseerd en kunnen studenten kiezen uit een palet aan 'cursussen op maat', waarbij zij cursussen kiezen die aansluiten bij de individuele interesse.

Voor diegenen die een onderzoeksproject zouden willen doen zijn er zogenaamde 'JSM Proefprojecten', waarbij de student gedurende enkele maanden bij een goede onderzoeksgroep binnen het UMCG kan gaan werken. Als compensatie krijg de student een geringe vergoeding; ook de onderzoeksbegeleider krijgt wat geld ter compensatie van het onderzoeksmateriaal dat verbruikt wordt. Studiejaar drie wordt afgesloten met een cursus Project Management.

 

Tenslotte is er nog een speciaal traject voor diegenen die, na de aanloopperiode van 2-3 jaar, ontdekt hebben dat ze door willen gaan met de combinatie wetenschappelijk onderzoek en geneeskunde studeren: het 'MD/PhD-traject'. Hierbij wordt de mogelijkheid geboden om tijdens je studie – na studiejaar vier - een echt promotieonderzoek op te starten en af te maken, zodat je afstudeert (MD) als gepromoveerd (PhD) arts. Waar daar normaliter 4 jaar voor 'gewone' promotieplaatsen staat, wordt in dit programma getracht het volledige promotieonderzoek in 2 jaar uit te voeren: dat betekent dus twee jaar winst. Dit is natuurlijk erg zwaar, en lukt alleen als er in de periode daaraan voorafgaand alvast onderzoek is gedaan, b.v. tijdens het proefproject, en in de (verlengde) wetenschappelijke stage van het vierde jaar. De universiteit biedt de MD/PhD-student een salaris voor 2 jaar, plus een aangepaste indeling van de co-assistentschappen. Mocht een student daarbij ook nog een deel in het buitenland willen uitvoeren, dan wordt dat zeker gestimuleerd en ondersteund.

 

Foto Pit Vermeltfoort, MD/PhD-student

Pit Vermeltfoort, MD/PhD-student

back to toptop

 

Voor wie is de JSM?
Zoals al eerder gesteld, je hoeft geen bolleboos te zijn om onderdelen van dit programma te kunnen volgen. Wel wordt enthousiasme verwacht en betrokkenheid, zoals ook zou gelden als je wilt gaan roeien of in een orkest zou willen gaan spelen. De JSM wil geen elite-clubje kweken (ook al zou de naam 'Masterclass' dat misschien suggereren), maar een goede infrastructuur bieden voor diegenen die zouden willen weten of wetenschappelijk onderzoek iets voor hen is.

 

Ook voor tandheelkunde studenten, die geïnteresseerd zijn in het doen van wetenschappelijk onderzoek, is het mogelijk onderdelen van het JSM programma te volgen. Zoals beschreven gaat vanaf het studiejaar 2006-2007 binnen de studie geneeskunde het zgn. 'Honours'-traject voor wetenschap van start (gekoppeld aan het Bachelordiploma geneeskunde). Het is vooralsnog voor tandheelkunde studenten niet mogelijk een ‘Honours’-traject te doorlopen en de 'Honours'-graad te behalen.

back to toptop

 

Heb je nog vragen?

Dagelijks bereikbaar voor allerlei vragen:

mw. dr. J.M. van der Mark - van der Wouden, beleidsmedewerker JSM

tel.: 050 - 363.8263

e-mail: j.m.van.der.mark@med.umcg.nl

 

Gebouw 3219, kamer 138 (1ste verdieping).
Altijd bereikbaar, maar bij voorkeur tijdens het 'open spreekuur':

elke woensdag van 12.00-13.00 uur

 

Foto prof.dr. J.C. Kluin-Nelemans

 

prof.dr. Hanneke C. Kluin-Nelemans, voorzitter JSM
tel. 050 - 36.11680 (Secretariaat JSM)
Op afspraak, via Secretariaat JSM (j.s.masterclass@med.umcg.nl)

 

 

updated: 10 August 2009

back to toptop
Junior Scientific Masterclass RuG home
Logo JSM